Of zoiets.
Dat betekent: Spaans voor vreemdelingen
Ik ben een vreemdeling, haha
Vandaag was de eerste ‘les’. Nu ja, er was eigenlijk geen les. Erwas een test om te kijken hoe ver je staat met je Spaans. Wat in mijn geval dus niet ver is. Integendeel
Er waren 60 multiple choice vragen en ik heb er al bij twintig of meer een vraagteken moeten bijzetten omdat ik geen flauw idee heb wat er stond. Er kon evengoed gestaan hebben dat alle Belgen vuile bierdrinkers en gore chocoladefretters waren, en ik zou het niet doorgehad hebben. Bij de overige 40 heb ik gegokt. *Zingt ‘Iene miene mutte’*. Leek me een fijn spelletje. Niet aan te raden als het mee telt voor punten ![]()
‘t Laatste blad was een verhaaltje. Denk ik. Vermoed ik. Geen idee, ik begreep niet wat ze verlangden. Maar als didactisch principe kan het wel tellen. De beginsituatie van je leerlingen kennen, heet dat in het het lerarenvakjargon. Ben al blij dat ze die inspanning doen. Ik hoop wel dat ik niet het slechts van allemaal gepresteerd heb…
We zaten daar dus met een hele bende Erasmussers. Nou ja, een hele bende. Ik denk een stuk of twintig, maar schattingen zijn nooit mijn sterkste kant geweest. Het konden er evengoed tien of dertig geweest zijn
Ik heb een Pools meisje uit Warschau, een Duits meisje uit Berlijn en een jongen uit Saudi Arabië zowaar leren kennen. Hij heeft zijn naam gezegd hoor, maar hij kon mij evengoed vervloekt hebben, verstond er niets van ![]()
Er zaten ook Franse meisjes, dat begrijp ik -thank god- wél. Een hoop Amerikanen, en nog wat Poolse meisjes, die al gauw in ‘t Pools verder kwekten
Dacht wel eerst dat het Russisch was, maar dan nog had ik er geen woord meer van verstaan… ‘t Zit ver weg, dat Russisch.
Geen Vlaming of Hollander tegengekomen. Helaas.
Morgen moeten we terug voor de resultaten. En dan worden we verdeeld in een sterke groep, een middelmatige groep en een zwakke groep. Ik ga voor de zwakke groep. Wat mij ook het meest logische lijkt, gezien mijn kennis van het Spaans zich beperkt tot ’si’, ‘no’, ‘gracias’, ‘no comprendo’, ‘no hablo español’, ‘buenos dias’, en wat losse frasen en woorden. Met mijn Baskisch is het nog veel erger gesteld. Ik kan welgeteld één woord. ‘Agur’, wat tot ziens betekent. Denk ik, ben niet zeker meer. ‘t Kan ook ‘ahoer’ geweest zijn, want in mijn oren toch nét iets anders klinkt dan ‘tot ziens’.
Dat was deze middag. Even terug in de tijd naar deze voormiddag.
Eerste échte stageweek: observeren. Dat is hier toch anders dan bij ons. In plaats van vanachter alles mee te volgen en secuur op te schrijven zat ik in de ene les Engels gewoon vooraan, naast de leerkracht, in de andere les Duits wél achteraan maar er werd mij bij van alles gevraagd om te verduidelijken hoe het zit in België, en in nog een andere les Engels was er gewoon geen sprake van observeren. Hup, meedoen met het hoekenwerk. We waren begot met 3! Leerkrachten voor alle duidelijkheid. De échte leerkracht, dan een assistente, een Brits meisje dat les geeft op de school, maar die dus ook blijkbaar de leerkrachten Engels helpt met Engelse les. Zij heeft natuurlijk het voordeel dat ze een fantastische uitspraak heeft als native speaker. En dan ik ook nog. De leerlingen moesten in groepjes gaan zitten, elk met het onderwerpen. Carmen, de leerkracht, deed de boekbespreking, het leesgedeelte, daarna gingen ze naar Lucy (het Britse meisje) voor de spreekoefeningen, en bij mij herhaalden ze de grammar van ‘going to’. Fijn, Grammar. Net m’n minst sterke kant. Maar goed, ‘going to’ is nu niet zo heel moeilijk, en het was ook enkel die vorm dat ze moesten kennen en inoefenen. Ik wou natuurlijk eerst hun namen leren kennen, maar dat bleek niet zo’n goed idee te zijn. Uiteindelijk heb ik ze het op een papiertje laten schrijven, zodat ik het kon lezen, want als ik puur op de uitspraak moet afgaan versta ik er geen bal van. Zeker met die Baskische namen. Maar het was leuk, en het uurtje (dat hier trouwens 55 minuten duurt) was zo voorbij.
Middagpauze is hen ook onbekend, tenzij rond een uur of twee. Hoe die dat volhouden zonder flauw te vallen van de honger, geen idee, maar ik was voorzien op alles. Ik had koekjes mee (van Jules Destroopere, mmmm) en een boterham met kaas ingepakt als lunch. Ik heb gelukkig de kans gezien om tussen de lessen door wat te sneukelen en te snoepen van mijn eten, anders had ik al lang een appelflauwte gehad. Geen wonder dat veel van die leerkrachten allemaal zo klein en fijn zijn. Ze krijgen gewoon geen eten, de dutsen.
Hier op de residentie ken ik nog steeds geen kat. Ik hoor overal stoelen verschuiven, maar ik kom nooit iemand tegen in de gang, op de trap, in de lift. ‘t is hier allemaal vrij afgesloten, en anoniem. Alle deuren zijn ook toe, en nergens hangt er een naambordje of weet ik veel, dus doe ik dat ook maar niet. Precies een ziekenhuis of zo.
Daarnet hoorde ik wel gitaarmuziek, dus ik ben even gaan piepen. Blijkt het zo’n surferboy-type te zijn van de Canarische eilanden, dat met een ontbloot bovenlijf (mét tepelpiercing, jawel) met een open raam gitaar zat te spelen. Niets aan te merken op dat gitaarspel, maar met een open raam??? Zonder t-shirt??? Je moet weten dat 14 graden nu niet zo heel erg warm is in mijn ogen om al meteen je t-shirt uit te spelen, bovendien was het aan het regenen. Rare jongens, die Canarische Eilanders
Ik ga mijn overschotje kip met rijst opwarmen en daarna lekker lezen in boek III van Stieg Larsson (ik ben bijna door de voorraad heen), ofwel House kijken. House is zonder ondertitels (jak) maar gelukkig wél met de originele, Amerikaanse stemmen. Thank God. Stel je voor dat het in het Spaans gedubd was, ik kom gek. Ik vind dat verschrikkelijk. Die gasten hun Engels zou miljoenen keer beter zijn als ze niet steeds alle films en series zouden dubben, maar gewoon vertalen met ondertitels, zoals bij ons. Maar bon, mijn zorg niet
Hasta la proxima!